Ouders van prematuren

Dagboek van Lisa

Wat een storm hebben wij doorstaan hé meid. We zouden volhouden, tot het november werd.

Ik zie alles nog als een film op mijn netvlies. Tanden poetsen en 2 minuten later naar het ziekenhuis, mijn water was gebroken. Ik was pas 30 weken ver. Tranen rolden uit mijn ogen. Wat was ik bang. Ik bleef tegen je zeggen dat we het gingen volhouden meisje. Omdat we dat hadden afgesproken. Gelukkig heb jij dat gedaan, mijn vechtertje.

Na een helse, droevige, heel emotionele week werd jij geboren via een keizersnede. Wat was ik bezorgd. De onmacht, het niet weten of alles goed gaat met jou, het verdriet en de zelfverwijten. Bovendien lukte de borstvoeding niet goed waardoor ik het gevoel kreeg dat alles mis ging. Het leek mijn schuld dat je te vroeg geboren werd. Ik beschouwde het als een gebrek van mezelf, een gebrek van mijn lichaam.

En toch was het geen gebrek; het was jouw redding. Mijn wonder. Je zien liggen in de couveuse en je telkens verlaten, brak mijn hart. Stilaan raakten we vertrouwd met het ziekenhuisgebeuren en mochten we je al eens vasthouden. Zalige momenten. Maar toch bleef de angst er diep inzitten. Na een lange periode werd je overgeplaatst naar een ander ziekenhuis. Dit boezemde ons angst in, maar wat later bleek het jou goed te doen. Het was een training voor ons om jou wat meer los te laten . Een training om je echt te kunnen verzorgen en jouw melkje te geven.

Mijn meisje... Als ik nu naar jou kijk, zie ik zo’n flinke meid. Een wereld van verschil met dat kleine prutsje van bij aanvang. Wat ben ik gelukkig dat jij er bent!

-Pascale, mama van Lisa